In memoriam Prof.Dr.
Ir. Frans Coninx.
Met grote droefheid nemen wij afscheid van prof. dr. ir. Frans Coninx, die op 10 augustus op 76 jarige leeftijd overleed.

Frans was in 1982 mijn docent 'audiologie' toen ik in Tilburg de leerkrachtenopleiding 'gehoorgestoorden A' volgde en het was ook Frans die mij in 2002 aanmoedigde om met ONICI te starten. In tal van projecten hebben we nadien samengewerkt. De meeste mensen zullen Frans kennen als de ontwikkelaar van de Littlears Auditieve Vragenlijst, die ondertussen in meer dan 45 talen is vertaald.
Met zijn overlijden verliest de audiologische en audio-pedagogische gemeenschap een pionier, wetenschapper, docent en inspirator die gedurende meerdere decennia een blijvende invloed heeft gehad op de zorg, begeleiding en ontwikkeling van kinderen met gehoorverlies.
Wie Frans Coninx persoonlijk kende, herinnert zich niet alleen de wetenschapper, maar ook de mens achter de onderzoeker. Hij stond bekend als een altijd betrokken, vriendelijke en humorvolle persoonlijkheid, met een grote nieuwsgierigheid en een tomeloze energie. Zijn enthousiasme voor de thema's horen, taal en communicatie werkte aanstekelijk op collega's, studenten, ouders en kinderen. Zijn vermogen om mensen met elkaar te verbinden maakte hem tot een gewaardeerde collega en inspirerende mentor.
Frans Coninx wist als weinig anderen een brug te slaan tussen wetenschap en praktijk. Met zijn achtergrond in de natuurkunde, psychoakoestiek en audiologie, aangevuld met een opleiding in de doven- en slechthorendenpedagogiek, bracht hij disciplines samen die traditioneel vaak gescheiden waren. Hij verbond technische audiologie, diagnostiek, pedagogiek en revalidatie tot een geïntegreerde benadering waarin het kind centraal stond.
Na zijn studie natuurkunde aan de Technische Universiteit Eindhoven promoveerde hij op het gebied van sensorische fysica, psychoakoestiek en audiologie. In Sint-Michielsgestel kwam hij in contact met dove en slechthorende kinderen en jongeren. Daar vond hij zijn levenslange missie: het verbinden van technische en audiologische kennis met de ontwikkeling, opvoeding en begeleiding van kinderen met gehoorverlies. In 1984 voltooide hij bovendien de opleiding tot slechthorenden- en dovenpedagoog.
Rond 1980 trad hij in dienst van het Instituut voor Doven in Sint-Michielsgestel, waar hij een belangrijke bijdrage leverde aan de verdere professionalisering van onderzoek en diagnostiek. Onder zijn leiding kreeg het onderzoek een sterker wetenschappelijk en multidisciplinair karakter. Hij ontwikkelde hoorgerichte begeleidingsconcepten en werkte aan pädaudiologische testprocedures waarmee de auditieve ontwikkeling van kinderen en de effectiviteit van hoortoestellen en later cochleaire implantaten beter konden worden geëvalueerd. Daarnaast was hij nauw betrokken bij de opleiding van professionals die werkzaam waren in de begeleiding van dove en slechthorende kinderen.
Een belangrijke mijlpaal uit deze periode was het samen met Ria van Hedel ontwikkelde Curriculum Hoortraining uit 1995. Deze leidraad voor hooropvoeding en revalidatie bood professionals een systematische aanpak om kinderen met gehoorverlies te ondersteunen in hun luister- en taalontwikkeling.
In 1992 werd hij benoemd tot hoogleraar Pädagogik der Gehörlosen und Schwerhörigen aan de Universiteit van Keulen. Hier zette hij zijn missie voort om audiologie en pedagogiek met elkaar te verbinden. Hij beschouwde gehoorverlies niet uitsluitend als een technisch of medisch vraagstuk, maar vooral als een uitdaging die raakt aan taalverwerving, leren, ontwikkeling en maatschappelijke participatie.
Gedurende zijn wetenschappelijke loopbaan zocht Frans steeds actief de samenwerking met andere disciplines. Hij was ervan overtuigd dat vooruitgang ontstaat door kennis te delen, netwerken te bouwen en onderzoekers, clinici, docenten en ouders met elkaar te verbinden. Studenten aan de Universiteit van Keulen waardeerden zijn toegankelijke en betrokken manier van lesgeven, terwijl talloze professionals zijn nascholingen en lezingen bezochten.
Internationale bekendheid verwierf hij met de ontwikkeling van de LittlEARS Auditory Questionnaire, een vragenlijst waarmee de auditieve ontwikkeling van jonge kinderen in kaart kan worden gebracht. Eveneens van grote betekenis was zijn ontwikkeling van de Adaptive Auditory Speech Test (AAST), een innovatieve, kindvriendelijke test voor het meten van spraakverstaanvaardigheid. Beide instrumenten werden in vele talen vertaald en wereldwijd toegepast.
Zijn belangstelling beperkte zich niet tot diagnostiek alleen. Met Mini Loco Luisterpret ontwikkelde hij een interactief leerprogramma dat jonge kinderen ondersteunt bij auditieve verwerking, fonologisch bewustzijn en beginnende geletterdheid.
In 1999 richtte hij het Institut für Audiopädagogik (IfAP) in Solingen-Ohligs op. Onder zijn leiding groeide dit uit tot een internationaal erkend centrum waar onderzoek, diagnostiek, therapie, onderwijs en praktijk elkaar versterkten. De internationale impact van zijn werk reikte ver buiten Europa. Frans zette zich onvermoeibaar in voor de vertaling en validatie van diagnostische instrumenten in uiteenlopende talen en werkte samen met onderzoekers en promovendi uit de hele wereld.
Ook binnen de internationale beroepsgemeenschap vervulde Frans Coninx een prominente rol. Zo was hij voorzitter van de Deutsche Gesellschaft für Audiologie (2011-2013) en was hij president van het 20th International Congress on the Education of the Deaf in Maastricht (2005). Daarmee droeg hij niet alleen bij aan wetenschappelijke ontwikkeling, maar ook aan de versterking van internationale samenwerking binnen het vakgebied.
Naast zijn wetenschappelijke prestaties was Frans bovenal een bevlogen docent en mentor. Generaties studenten, onderzoekers, audiologen, pedagogen, therapeuten en leerkrachten hebben van zijn kennis, enthousiasme en mensgerichte visie geprofiteerd.
Ook na zijn emeritaat bleef hij actief betrokken bij onderzoek, onderwijs en internationale samenwerking. Schrijven, publiceren, lezingen geven en het onderhouden van contacten met collega's over de hele wereld bleven een vast onderdeel van zijn leven. Wie met Frans heeft samengewerkt, zal zich naast zijn wetenschappelijke prestaties ook zijn warmte, humor, collegialiteit en levenslust herinneren. Daarmee laat hij niet alleen een indrukwekkende professionele nalatenschap na, maar ook een blijvende persoonlijke indruk op velen die hem hebben gekend.
Met dank aan Erwin Baas, Klinisch fysicus- Audioloog Koninklijke Kentalis Audiologisch Centrum Eindhoven voor het aanleveren van deze tekst.